De Nationale Raad Zwemveiligheid heeft als missie ‘Heel Nederland zwemveilig’. Dit geldt ook voor mensen met een (tijdelijke) beperking. Voor mensen met een beperking zijn er naast de Nationale Zwemdiploma’s ook de Nationale Zwemcertificaten. Wat houden de Nationale Zwemcertificaten in?

Wanneer
is het Nationale Zwemdiploma haalbaar?

In
principe wordt iedereen opgeleid voor de Nationale Zwemdiploma’s. Bij het
bereiken van het Nationaal Zwemdiploma A heb je een zekere zwemveiligheid
opgebouwd die je verder uitbouwt richting het C diploma. Bij de beoordeling van
de uitvoeringswijze van de diverse opdrachten van de examenprogramma’s wordt
rekening gehouden met kandidaten die tijdelijke of permanente beperkingen
hebben. De opdrachten kunnen worden aangepast aan de mogelijkheden van deze
kandidaten, mits de essentie van de opdracht of vaardigheid blijft bestaan. Zo
kun je bijvoorbeeld als je een verlamming aan je benen hebt, bij de
enkelvoudige rugslag de armtechniek van de samengestelde rugslag zwemmen. Zo
voldoe je aan de Examenregeling Nationale Zwemdiploma’s en kun je je Nationale
Zwemdiploma halen. 

Wanneer is het Zwemcertificaat
de beste optie?

  1. Sommige
    kandidaten zijn jaren bezig om het felbegeerde Zwemdiploma te halen. Het Zwemcertificaat
    mag dan gebruikt worden als tussenstap op weg naar het Zwemdiploma. De
    kandidaat kan één of meerdere keren binnen die jaren meedoen met het
    diplomazwemmen en krijgt het Zwemcertificaat uitgereikt dat er bijna hetzelfde
    uitziet als het Zwemdiploma. Omdat op de achterkant onderdelen die beheerst
    worden aangevinkt kunnen worden, is het meerdere keren te gebruiken en kan de
    vooruitgang gevierd worden.
  2. Voor
    kandidaten die niet in staat zijn om alle onderdelen van het examenprogramma
    uit te voeren. Alle onderdelen zijn verbonden aan zwemveiligheid en kunnen
    daarom niet worden overgeslagen. Mag een kandidaat bijvoorbeeld niet onderwater
    zwemmen vanwege een aandoening, dan is er helaas geen mogelijkheid om het
    Zwemdiploma te halen. Voor deze kandidaten zijn de Zwemcertificaten A, B en C
    ontwikkeld als eindresultaat om trots op te zijn.

Welke mogelijkheden zijn er?

Optie blauw: De kandidaat is niet in staat om een Zwemdiploma te behalen en volgt de Zwemcertificatenlijn.

Optie groen: De kandidaat heeft meer tijd/ inspanning nodig om een Zwemdiploma te behalen en behaalt eerst een Zwemcertificaat als tussenstap.

Optie zwart: Een kandidaat doorloopt de leerlijn van de Zwemdiploma’s.

Optie combinaties: Een kandidaat behaalt bv. Zwemcertificaat A en B en stroomt door naar Zwemdiploma C.

Hoe werkt het volgens de Examenregeling Nationale Zwemdiploma’s?

Bij
elk Zwemcertificaat is sprake van een verplicht deel en een open deel waar het
kind al dan niet aan kan voldoen.

Het
verplichte deel van Nationaal Zwemcertificaat A bestaat uit:

  1. Gekleed:
    naar keuze te water gaan en geheel onder water gaan, gevolgd door 12,5 meter
    verplaatsen met een zwemslag naar keuze
  2. In
    badkleding: naar keuze te water gaan en 5 seconden drijven, gevolgd door 50
    meter verplaatsen met een zwemslag naar keuze en 1 minuut watertrappen

Specifieke
normering bij het verplichte deel:

  • Te water gaan in diep water mag via
    een trapje.
  • Geheel onder water gaan mag ook met
    behulp van een trapje.
  • Drijven wordt, indien nodig,
    uitgevoerd met actief gebruik van de armen.
  • De uitvoering van de zwemslag naar
    keuze is vrij.
  • De uitvoering van watertrappen is
    vrij; de essentie is het op een bepaalde plaats in het water boven water
    blijven.

In
het examenprogramma van het open deel komt onder andere aan bod: te water gaan,
onder water zwemmen, drijven op de buik en op de rug, halve draai om de
lengteas en de zwemslagen. Op het zwemcertificaat wordt aangekruist welke
onderdelen zijn uitgevoerd en welke vaardigheden de kandidaat beheerst. Ook
hier geldt een aangepaste normering. Zie de Examenregeling Nationale
Zwemdiploma’s (met name hoofdstukken 1.2 en 2.2) voor de precieze programma’s
van de Nationale Zwemcertificaten A, B en C en de normering.

Erkenning en trots

Met
Nationale Zwemcertificaten hebben Licentiehouders Nationale Zwemdiploma’s de
mogelijkheid om bijna ieder kind met een beperking waardering te geven voor wat
hij of zij heeft geleerd. Zo kan een kind trots zijn op het behalen van een
eindresultaat of een stimulans krijgen om door te gaan naar een hoger
zwemcertificaat of naar een zwemdiploma. Uiteindelijk hopen we dat ook zoveel
mogelijk kinderen met een beperking voldoen aan de Nationale Norm
Zwemveiligheid, die is gekoppeld aan de te beheersen vaardigheden bij Nationaal
Zwemdiploma C. Hierdoor kunnen zij zwemveilig zijn en zelfstandig meedoen aan allerlei
activiteiten in en rondom het water.

Zijn hierover nog vragen of opmerkingen? Neem vooral contact met je regioadviseur op.

Binnen ons kennisproject NL Zwemveilig, gecoördineerd vanuit ons Kenniscentrum Zwemmen, is zwemveiligheid van kinderen met een beperking een belangrijk speerpunt. Volg www.nlzwemveilig.nl en de nieuwsbrief voor onderzoek, praktijkvoorbeelden en blogs.

Bron: NRZ

Categorieën: NRZ

0 reacties

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *