Afgelopen
donderdag, 10 oktober 2019, is een nieuw onderwijscurriculum aangeboden aan
minister van onderwijs Arie Slob met daarin ook specifieke aandacht voor
‘drijven en verplaatsen in het water’.

Dit curriculum is ontwikkeld door de onderwijssector zelf (leraren en schoolleiders) onder de vlag van Curriculum.nu. Zij kwamen in de periode maart 2018 tot september 2019 acht keer bij elkaar voor meerdaagse ontwikkelsessies om het gehele onderwijscurriculum te vernieuwen. Er was ook een ontwikkelteam voor ‘bewegen en sport’. Allereerst hebben ze een visie opgesteld, daarna hebben ze de essenties van bewegen en sport geformuleerd in ‘grote opdrachten’ en vervolgens is het leergebied uitgewerkt in kennis en vaardigheden (ook wel bouwstenen genoemd). Tussentijds bespraken de leraren en schoolleiders hun tussenproducten tijdens bijeenkomsten door heel Nederland en haalden ze feedback op via de website. Ook vanuit de Nationale Raad Zwemveiligheid en door experts die betrokken zijn bij NL Zwemveilig zijn suggesties gedaan richting het ontwikkelteam bewegen en sport over de plek van leren zwemmen, zwembaden en zwemveiligheid in het (bewegings)onderwijs. Hoewel ‘schoolzwemmen’ in de definitieve uitwerking in eerste instantie wordt beschreven als keuzemogelijkheid voor scholen, blijkt later in de uitwerking dat leren zwemmen wel degelijk onderdeel uitmaakt van de beweeguitdagingen voor iedere leerling. Zoals wordt benoemd in het voorstel is het van belang dat leerlingen kennismaken met een gevarieerd aanbod van beweegactiviteiten, waarbij de variatie representatief moet zijn voor een groot deel van de beweegcultuur. Nederland is een waterrijk land, waarbij (leren) zwemmen veelal behoort tot de beweegactiviteiten van veel leerlingen (bijvoorbeeld zwemfeestjes, de zomervakanties en buiten spelen in de buurt van sloten en vijvers).

Concreet
wordt de beweeguitdaging omschreven als ‘Drijven en verplaatsen in het water
(drijven en verplaatsen)’ (zie pagina 27 van de uitwerking) met in de
toelichting wat betreft doorlopende leerlijn ‘Van verplaatsen in een laag naar
een hoog tempo, van weinig naar veel richtingsveranderingen, van met veel naar
met weinig hulpmiddelen, van kort naar langer volhouden, van alleen naar
samen.’ Deze ‘beweeguitdaging’ dient ieder kind gedurende zijn/haar
schoolloopbaan te leren.

In november
2019 zal het ministerie van Onderwijs reageren op de voorstellen en aangeven
hoe het nieuwe curriculum kan worden ingevoerd. Vanuit de zwemsector volgen we
dit uiteraard met grote belangstelling. Mogelijk dat leren zwemmen, na de
afschaffing van het schoolzwemmen in de jaren ’90, in de komende jaren weer op
iedere school en voor ieder kind hernieuwd wordt ingevuld met nieuwe
lesprogramma’s vanuit de zwembaden, die aansluiten op wat de kinderen al kunnen,
uitdagingen die ze in het water willen aangaan en de (water)omgeving waarin de
leerlingen wonen/zich bewegen.

Bron: NRZ

Categorieën: NRZ

0 reacties

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *